Nieuwe loswallen voor afvoer biomassa uit De Wieden

donderdag 19 december 2013

Natuurmonumenten vernieuwt de loswallen in De Wieden. Vanaf de Reeënweg en de Heven wordt de biomassa uit het natuurgebied aan- en afgevoerd. Natuurmonumenten hoopt ook de locatie langs de Arembergergracht te vernieuwen. Staatsbosbeheer werkt aan nieuwe loswallen in de Weerribben.
 
Voor iedere watersporter is het een imposant beeld wanneer het laad- en losschip van Roelof Smit voorbij komt varen. Vol met enorme bergen groenresten. Natuurmonumenten haalt jaarlijks zevenduizend ton biomassa uit De Wieden, weet assistent-beheerder Broer Blaauwbroek. “Die hoeveelheid is de afgelopen jaren flink toegenomen, onder meer vanwege het zomermaaien. Pachters en aannemers brengen de groenresten naar de waterkanten en vanaf daar brengen wij het naar vijf loswallen.”

  Opknappen van bestaande loswallen   
De staat van deze plekken werd er de laatste tijd niet beter op. Veen is geen ideale ondergrond voor de zware kranen en vrachtwagens die bij de afvoer nodig zijn. Daarom was het tijd voor actie, ook omdat Natuurmonumenten wil voorkomen dat materiaal in het water terecht komt. “ Dit project bekostigen we voor een groot deel uit de Rietimpuls. Daarmee ondersteunden Rijk en provincie de natuur en rietlandbeheerders financieel. Met het resterende budget, uit het onderdeel biomassa, en een eigen bijdrage verbeteren we nu de loswallen”, aldus Blaauwbroek. Zowel Natuurmonumenten als Staatsbosbeheer kunnen zo het opknappen van vijf loswallen financieren. Buiten de Rietimpuls om heeft Natuurmonumenten in samenwerking met gemeente Steenwijkerland al een loswal bij Roekebosch vernieuwd.

Afzet voor de berg groenresten
De zevenduizend ton biomassa gaat op dit moment vooral naar biologische boeren in de Noordoostpolder. Die gebruiken het als bodemverbetering. “Het materiaal is daarvoor perfect omdat het superschoon is. Er zitten geen chemicaliën in of andere vervuilingen, omdat het van percelen komt die voor mensen nauwelijks bereikbaar zijn. Boeren gebruiken het daarom graag als humus”, aldus Blaauwbroek. Andere toepassingsmogelijkheden voor de biomassa zijn nog in onderzoek.